1935194019451950195519601965197019751980198519901995200020052010201520202025
Het verbod op tabaksreclame dat 1 januari 2003 werd ingevoerd heeft grote gevolgen gehad voor de omzet van tijdschriften. Het jaar ervoor was die reclame nog goed voor ruim 8,2 miljoen euro aan advertenties. Vooral de mannenbladen werden getroffen. Het betrof gemiddeld een kwart van hun advertentie-inkomsten.
In 1959 bedacht een directielid van Grolsch zelf de regel Vakmanschap is Meesterschap. Er is geen campagne die zo lang heeft gelopen: dertig jaar, vanaf de jaren zestig tot eind jaren tachtig van de twintigste eeuw. De populariteit van de campagne dankt Grolsch aan zowel de sterk onderscheidende en esthetische fotografie van Paul Huf als aan de multimediale aanpak (tijdschriften, kranten en bioscoopreclame). Paul Huf zei er in een interview dit over: ‘Het was een mooie, niet attaquerende campagne. Het had een schoonheid waarvan iedereen overtuigd was. Daarvan zeiden de mensen “dat is nou mooi adverteren”’
Heel meetbaar was het succes van Het Zwitserleven Gevoel, dat intussen een staande uitdrukking is geworden. In 1984 en 1988 werd er een Gouden Effie (de effectiviteitsprijs van de Vereniging van Erkende Reclamebureaus) mee gewonnen. In die tijd steeg de omzet naar een miljard gulden. Creatief Theo Postma vond het een lastige opdracht om een product als een pensioenverzekering aan de man te x brengen. Met de celebrity-campagne kreeg Zwitserleven Gevoel niet alleen een duidelijke identiteit, maar ook werd een harde claim op het concept gelegd. De helft van het budget van in totaal ongeveer 2,5 miljoen gulden ging naar de bladen om het product een identiteit te geven. De tv- en bioscoopreclame had als primair doel de naamsbekendheid verder op te bouwen en te onderhouden.
Onder druk van grote Franse cosmeticamerken werden begin jaren negentig in Nederlandse tijdschriften de advertorials – advertenties met een redactionele aanpak - geïntroduceerd. De ‘publi-reportages’ uit internationale tijdschriften dienden als voorbeeld. Bij de advertentiekern Admedia (VNU) werden spelregels vastgesteld die door het Nederlands Uitgeversverbond (NUV) en zelfs internationaal werden overgenomen. Boven deze pagina’s moest Advertentie komen te staan en onderaan de pagina het logo van de adverteerder. Niet elke redactie ging meteen akkoord: vanwege het belang van de lezer, maar ook met het oog op de integriteit van het blad. Maar de commerciële televisie en internet hebben de consument laten wennen aan deze en andere commerciële vormen van samenwerking. Er zijn nog steeds grenzen, maar die zijn wel vervaagd en de consument bepaalt zelf of hij de boodschap wel of niet vertrouwt.
[KdB]