1925193019351940194519501955196019651970197519801985199019952000200520102015
Op de advertentiemarkt hebben de RTV-bladen jarenlang een aparte positie ingenomen. De actuele informatie, met nauwelijks doublure qua bereik, maar vooral de houdbaarheid van één week was aantrekkelijk voor response-adverteerders. De couponadvertenties en plakkaarten van onder andere schriftelijke onderwijsinstellingen en kredietmaatschappijen domineerden tot het eind van de vorige eeuw het beeld in de RTV-bladen. De restylingen die tot een bredere formule
leidden, hebben er ook voor gezorgd dat meer thema- en lifestyle-adverteerders een RTV-blad inzetten om hun specifieke doelgroep te bereiken.
De RTV-bladen anno 2009 zijn: Avrobode, Televizier, TVFilm, Veronica Magazine, TotaalTV, VARAgids, KRO Magazine, Mikrogids, Tros Kompas, TV Krant, NCRV-Gids, VPRO Gidsx en Visie.
In 1990 lanceerde Veronica een programmablad voor schotelbezitters: Veronica Satellite (later voortgezet als TotaalTV). In 1994 begon de Avro met de uitgave van TV-Film, een blad met extra informatie over films op tv. Na een half jaar werd het wegens tegenvallende resultaten gestaakt. Tien jaar later is TV-Film in een andere opzet opnieuw in de markt gezet.
De RTV-bladen onderscheiden zich van andere tijdschriften door een jarenlange verbintenis met de leden/abonnees. Abonnementen van tientallen jaren zijn niet zeldzaam. De publieke omroepen zijn dankzij de omroepbladen grote landelijke verenigingen geworden. Via het eigen omroepblad is er wekelijks contact met de achterbanx en kan er direct met hen worden gecommuniceerd.
De omroepbladen hebben vanaf de start in de jaren twintig van de vorige eeuw een grote rol gespeeld bij de ontwikkeling van de omroepen, omdat er toen nog geen overheidssteun was voor de productie en uitzending van programma’s x. Een vereniging moest alles zelf bekostigen. Het exploiteren van een goed lopende gids was dan ook van groot financieel belang. Sinds de Duitsers in de bezettingstijd de Luisterbijdrage invoerden wordt publieke omroepx gefinancierd door verplichte omroepbijdragen (het Luister- en Kijkgeld dat in 2000 gefiscaliseerd werd), de STER-opbrengsten van de etherreclame (sinds eind jaren zestig), de door de leden aan de omroepverenigingen betaalde contributies en inkomsten uit de RTV-bladen.