1905191019151920192519301935194019451950195519601965197019751980198519901995
Een tijdschrift kan met nog zoveel vaardigheid worden gemaakt en optimaal op de doelgroep afgestemd zijn, de (potentiële) lezer moet wel – letterlijk – bereikt worden. Distributie is dus van groot belang voor de uitgever van tijdschriften. Voor verreweg het merendeel van de tijdschriften wordt betaald door de consument (voor gratis tijdschriften zie het kader). Als het dan over distributie gaat, is het goed om onderscheid te maken tussen distributie die gericht is op de realisatie van de transactie, de zogeheten losse verkoop, en de louter logistieke functie die verricht moet worden als er sprake is van een abonnement. Daarmee zijn meteen de belangrijkste kanalen genoemd. Voor sommige uitgevers is ook het leesportefeuillekanaal belangrijk (zie kader) en zorgt het virtuele schap voor additionele verkoop. Voor de uitgever zijn de marges, de winstbijdrage per verkocht exemplaar, per kanaal uiteraard verschillend. Bepalende factoren zijn de consumentenprijs en de kanaalkosten. In zekere mate kan de uitgever door middel van de inzet van gerichte marketinginstrumenten de kanalenmix beïnvloeden. Maar uiteindelijk kiest de consument op basis van zijn of haar voorkeur, gebaseerd op onder meer de lezer-bladbinding en de prijs-waardeverhouding.
Nederland was en is een land van abonnementen, in tegenstelling tot landen om ons heen waar de kiosk op straat sinds het einde van de negentiende eeuw een belangrijker rol heeft gespeeld. Abonnementen geven de uitgever zekerheid over de toekomstige afzet, vooruitbetaling is gunstig voor de liquiditeit en de adressen, bij voorkeur met kenmerken over wie er wonen, zijn beschikbaar voor crm-(customer relationship management) doeleinden. Er kunnen dan gericht aanbiedingen worden gedaan. Belangrijk is de ‘levensduur’ van een abonnement. Deze werd sterk bevorderd door het systeem van ‘tot wederopzegging’. De meeste mensen vergaten immers op tijd op te zeggen. Een nieuwe wettelijke regeling zorgt ervoor dat de consument soepeler een abonnement kan beëindigen. Dit zal leiden tot meer accent op de losse verkoop. Mede vanwege de concurrentie van televisie en internet op het mediagedrag van jonge mensen was dat kanaal de laatste jaren toch al belangrijker geworden. De consument heeft altijd wel een winkel in de buurt, in Nederland zijn zo’n 7500 verkooppunten, waar de tijdschriften overzichtelijk gepresenteerd worden. Voor de massatitels is vooral de supermarkt van belang, terwijl special interest titels het vooral moeten hebben van de speciaalzaken.
Hans Scheffer
Verder: *De bladenmannen * De grossier als intermediair *Leesportefeuilles * Gratis tijdschriften
Lees verderTot de jaren tachtig was de bladenman een bekend fenomeen. Enigszins vergelijkbaar met de SRV-man, bracht de bladenman niet de boodschappen maar de tijdschriften rond. Mede dankzij dit sterke abonnementenkanaal was VNU succesvol. Want hoe beter de distributie is, hoe meer kans op een hoge oplage en dus een flink advertentietarief.