1915192019251930193519401945195019551960196519701975198019851990199520002005
Jonge voetballiefhebbers werden in 1958 tot verbazing van hun ouders plotseling buitengewoon beleefd en vriendelijk. Niet zozeer tegen hén, maar vooral tegen meer gefortuneerde ooms en tantes, buren of familievrienden. Als zij in het bezit waren van een van de 250.000 televisietoestellen die Nederland toen rijk was, konden ze rekenen op de allerwarmste aandacht van voetbalschoffies. Want ja, Pelé, het Braziliaanse wonderkind van 17 jaar, had in de halve finale van het wereldkampioenschap voetbal tegen Frankrijk al drie keer gescoord. Dus de finale - tegen Zweden - móest je zien. Brazilië won (5-1), Pelé scoorde tweemaal, en binnen een jaar telde Nederland 500.000 televisietoestellen.
Want wat bij de buren te zien was, wilde men ook thuis voor de eigen buis kunnen zien: Corry Brokken die in 1957 met ‘Net als toen’ het Eurovisie Songfestival wint, of Teddy Scholten in 1959 met ‘Een beetje’, Tom Manders als Dorus, Theo Eerdmans met de quiz ‘Je neemt er wat van mee’, en voor de kinderen de altijd vrolijk zwaaiende Tante Hannie (Lips) of Pipo de Clown.
De impact van wat aanvankelijk beeldradio werd genoemd, officieel gestart op 2 oktober 1951, werd ook voor bladenmakers al snel duidelijk. De afgebeelde cover van Onze Kleine Katholieke Illustratie, destijds beter bekend als het weekblad voor de katholieke jeugd OKKI, toont fraai één van de effecten die de komst van de televisie tot op de dag van vandaag heeft op zowel het maken als het verkopen van tijdschriften: wie geboeid naar televisie kijkt, zit doorgaans niet tegelijkertijd intensief te lezen. En hoe meer televisieomroepen en televisiezenders er via respectievelijk antenne, centrale antenne, satellieten met schotelontvangst, kabel en internet kwamen, hoe harder ook tijdschriften moesten vechten voor tijd en aandacht van de kopers/lezers/kijkers. Televisie was in de beginjaren weliswaar tamelijk statisch, maar in vergelijking met een gedrukte pagina zeer dynamisch. Daarna won tv aan snelheid - en kwam er ook nog kleurentelevisier. Het gevolg ervan was:,de tijdschriften die in woord en beeld verslag deden van het actuele wereldgebeuren - voor jong en oud en in alle variaties van politieke of religieuze achtergrond - kregen het zwaar te verduren. Tijdschriftenopmaak (beeld, bekopping, tekstlengte, kleur, enzovoort) en tijdschriftformules (verhouding beeld/tekst, onderwerpkeus, diepgang, enzovoort) moesten worden bijgesteld, soms zelfs opnieuw worden uitgevonden.
Wim Verbei
Lees verderHet is één van de effecten die de komst van de televisie (1951) tot op de dag van vandaag heeft: wie geboeid naar televisie kijkt, zit doorgaans niet tegelijkertijd intensief te lezen. De cover van dit nummer van het jeugdblad OKKI had het niet duidelijker kunnen illustreren. De televisie heeft niet alleen op het verkopen, maar ook op het maken van tijdschriften invloed gehad.