Canon van de tijdschriften
Alles van toen en nu over bladenmaken

Spring naar navigatie

1930193519401945195019551960196519701975198019851990199520002005201020152020

 

Sport 1974

Concurrentie van dagbladen

Een sporttijdschrift overeind houden is in Nederland geen gemakkelijke opdracht. Niet alleen omdat actuele tv-uitzendingen op tal van zenders al het nieuws wegkapen. De concurrentie voor een sportblad zit vooral ook weer bij de kranten, die elke dag pagina’s aandacht aan de sport besteden en dat kan in één week oplopen tot meer dan 20 pagina’s sport. Als abonnee of ‘gratis-lezer’ kom je dan goed aan je trekken. En Nederland is een abonnementenland, in tegenstelling tot de kioskcultuur van het buitenland waar er meer impulse –kopen zijn.

Sport = voetbal

De overdosis sport op tv, raadio en ook weer in kranten zou ook wel eens kunnenverklaren waarom tijdschriften met een brede sportformule, dus meer sporten bij elkaar, nooit echt zijn aangeslagen. SportInternational , een zusje van VI, is er een gesneuveldvoorbeeld van. Sportweek is een dappere poging van de laatste tijd. Ook in het verleden was het recept duidelijk, voetbal en nog eens voetbal, dat verkoopt. Daar kunnen mensen geen genoeg van krijgen. Hoewel een dappere poging van Johan, ondanks de naam, ook niet slaagde.

Andere sporten

En de andere sporten dan? Die richten zich gespecialiseerd met een eigen blad op hun eigen beoefenaars. Ze zijn meestal begonnen als bondsbladen voor de leden en langzamerhand door professionele uitgevers en bladenmakers overgenomen. Vooral vanwege de advertentie-inkoop, want in de sport gaat het meeste geld naar sportsponsoring en billboarding. Nu de technische kosten zijn gedaald, zijn ook special interest-sportbladen een groeimarkt. Met een portfolio van die bladen is SMM nu de grootste sportuitgever van Nederland.

Sportspecials

De Geïllustreerde Pers en later Amsterdam Boek waren in de zeventiger jaren de uitgevers van een serie Sport-specials, die verschenen aan de vooravond van grote sportgebeurtenissen. Vlak voor de grote schaatswedstrijden of voor de halve finales van de Europa Cup. Ze keken in beeld terug op wat vooraf ging, maar in interviews en beschouwingen kregen de lezers een goed beeld van wat zich achter de schermen van de sport afspeelde.

Een sporttijdschrift overeind houden is in Nederland geen gemakkelijke opdracht. Niet alleen omdat actuele tv-uitzendingen op tal van zenders al het nieuws wegkapen. De concurrentie voor een sportblad zit vooral ook weer bij de kranten, die elke dag pagina’s aandacht aan de sport besteden en dat kan in één week oplopen tot meer dan 20 pagina’s sport. Als abonnee of ‘gratis-lezer’ kom je dan goed aan je trekken. En Nederland is een abonnementenland, in tegenstelling tot de kioskcultuur van het buitenland waar er meer impulse –kopen zijn.

 

De overdosis sport op tv, raadio en ook weer in kranten zou ook wel eens kunnenverklaren waarom tijdschriften met een brede sportformule, dus meer sporten bij elkaar, nooit echt zijn aangeslagen. SportInternational , een zusje van VI, is er een gesneuveldvoorbeeld van. Sportweek is een dappere poging van de laatste tijd. Ook in het verleden was het recept duidelijk, voetbal en nog eens voetbal, dat verkoopt. Daar kunnen mensen geen genoeg van krijgen. Hoewel een dappere poging van Johan, ondanks de naam, ook niet slaagde.

 

En de andere sporten dan? Die richten zich gespecialiseerd met een eigen blad op hun eigen beoefenaars. Ze zijn meestal begonnen als bondsbladen voor de leden en langzamerhand door professionele uitgevers en bladenmakers overgenomen. Vooral vanwege de advertentie-inkoop, want in de sport gaat het meeste geld naar sportsponsoring en billboarding. Nu de technische kosten zijn gedaald, zijn ook special interest-sportbladen een groeimarkt. Met een portfolio van die bladen is SMM nu de grootste sportuitgever van Nederland.

1947

1931

1971

2000

1981

Henk Spaan en Matthijs van Nieuwkerk durfden het aan om in 1996 te beginnen met het literaire voetbalblad Hard Gras.

1973